Over niesziekte en tips voor de verzorging

Niesziekte

Wat is Niesziekte?

 
 

Nies is een besmettelijke infectie bij katten, niet overdraagbaar naar de mens of andere dieren. Niesziekte is te vergelijken met een verkoudheid tot zelfs een zware griep bij de mens. Zelfs een enting hiertegen is niet helemaal waterdicht. Er kunnen virussen opduiken die niet in de enting zijn verwerkt, zodat de kat toch een infectie oppikt. Hele oude of jonge katten en katten in een stresssituatie, zoals in een asiel, zijn extra vatbaar. Vooral als het aantal katten bij elkaar oploopt, zie je steeds vaker hier en daar een snotneus en etterige ogen. Dit is niet te voorkomen. Ook een ogenschijnlijk gezonde kat die binnenkomt kan het onder de leden hebben. De incubatietijd is twee á tien dagen.

Antibiotica (AB)

 
 

Het is een fabeltje dat antibiotica niesziekte genezen. Antibiotica helpen alleen tegen de bacteriële infecties die door het virus veroorzaakt worden. Het dier moet zelf het virus overwinnen. Wanneer de ogen of neus etterige uitvloeiing gaan vertonen of als je merkt dat het dier pijn in de keel heeft, is het wel noodzakelijk hier iets aan te doen. Meestal krijgt de kat een kuurtje van 10 dagen AB voorgeschreven en naargelang het ziektebeeld ook een oogzalfje. Het is heel belangrijk de kuur af te maken om resistentie tegen AB te voorkomen. Reageert het dier niet binnen een dag of zes op de voorgeschreven medicijnen (of gaat het achteruit), dan is het verstandig contact op te nemen met de dierenarts. Deze kan dan een middeltje uit een andere AB groep voorschrijven. Een veel voorkomend verschijnsel bij niesziekte is de schommelende lichaamstemperatuur. De ene keer zal de lichaamstemperatuur normaal zijn (tussen de 38° en 39°C) terwijl de kat een tijdje later een temperatuur kan hebben van meer dan 40°C.

Verzorging tijdens Niesziekte

 
 

Belangrijk is een tochtvrije en goed geventileerde ruimte. Niesziekte gedijt goed in een vochtige omgeving, zorg daarom voor een zo droog mogelijk klimaat. Neem de kat desnoods mee naar bed.

Eten

 
 

Een kat met niesziekte ruikt niet of nauwelijks, de neus zit verstopt. Probeer daarom het voedsel zo aantrekkelijk mogelijk te maken. Blikvoer gaat sterker ruiken als het wat warm gemaakt is; de kat zal dit eerder proberen dan brokjes. Stukjes rosbief, boterhamworst, kaas, chips, blikje sardientjes of tonijn, alles mag, als de kat maar 'aan de praat' blijft. Zet het eten wat hoger, dan hoeft de kat niet ver door te buigen om te eten; dit vergemakkelijkt het slikken. Geef bij niesziekte geen melk; dit versterkt de slijmproductie in de keel. Wanneer de kat zelf echt niet meer wil eten en dit houdt langer dan twee dagen aan, dan dwangvoeren, eventueel astronautenvoeding extra toedienen om poes in conditie te houden. Vooral dikke katten kunnen door te lange hongerstaking een aandoening ontwikkelen aan de lever met alle gevolgen van dien.

Een mooi voorbeeld hiervan is het verhaal van Okkie, klik op deze link om het te lezen.

Drinken, heel belangrijk

 
 

Een kat, vooral een jonkie, droogt snel uit. Dit is te controleren door het velletje van de kat tussen duim en wijsvinger even 'op te lichten'. Bij een gezonde kat, is bijna niet te zien hoe snel de huid terug op z'n plaats valt. Bij een kat die uitgedroogd dreigt te raken blijft het velletje zichtbaar even staan. Spoed is dan geboden. Het dier heeft dringend vocht nodig.

Vachtverzorging

 
  Een zieke kat poetst zichzelf niet meer en zal zich hier heel ongelukkig bij voelen. Hier kan de baas ook een handje helpen door de kat regelmatig te borstelen of te kammen en de oogjes schoon te maken met een vochtig watje als dit nodig is. Probeer de kat aan het spinnen te krijgen, dit vergemakkelijkt de ademhaling. Gezonde stress, zoals spelen e.d., kan genezend werken.